Archief | Maleisië RSS feed van deze category
02. mrt, 2012

Eindelijk warm water – dag 24

Eindelijk warm water – dag 24

Tioman Island; naar zeggen staat dit eiland in de top tien van mooiste eilanden van de wereld. Wij hebben het helaas niet mogen meemaken. Aangezien we 5 maart naar Nieuw-Zeeland vliegen, hebben we een strakke planning. Gisteren vertrokken we om 8 uur ‘s ochtends per minibus vanuit Cameron Highlands. Enkele bussen later kwam Arjan naast een Osama look-alike te zitten. Op het moment dat we dachten dat baardmeneer zou ontploffen, ging de discotune van zijn mobiel af. Eenmaal van de schrik bekomen, kwamen wij om 9 uur ‘s avonds aan in Mersing. Aangezien de boten richting Tioman Island niet meer gingen, besloten we in Omar’s Backpackers Hostel te overnachten. Na een gunstig nachtje tukken, ging om 6 uur de wekker. Snoeiharde regen! Vaarwel Tioman, het was leuk zo dichtbij geweest te zijn.

Tegen de middag gebood ik de regen te matigen, zodat wij onze wifi-aftap-routine konden toepassen. Een Tee O voor Arjan en een Kopi O voor mij, die wij bij het restaurantje om de hoek bestelden, gaf ons een kleine drie uur de gelegenheid om de interwebs te bekijken. Naast het contact onderhouden met familie, vrienden en fans hebben we eindelijk onze droomauto voor Nieuw-Zeeland geboekt. Na lang getwijfeld te hebben tussen een camper, stationwagon of een BMW 7-serie, kwam de Mazda Demio toch het beste uit de test!

‘s Avonds hebben we een klein restaurantje opgezocht om het oogtranend pittige gerecht Nasi Beryani te nuttigen. Een glas warm water kregen we er gratis bij. Gezien onze uitmuntende opvoeding, wilden we het glas niet vol achterlaten en besloten we de inhoud om te ruilen met die van onze waterfles. Omdat onze tafel buiten op de stoep was gepositioneerd, gooiden we op Arjan’s perfect getimede ‘nu’ het water op straat. Helaas precies op het moment dat de ober met ons eten naast de tafel stond. Na zeker een halve seconde schaamte, konden we ons lachen niet meer inhouden.

Morgen richting Singapore. Hopelijk zijn de wolken dan niet meer zo vochtig!

PS. Gezien het beestachtige weer is dit bericht wat verlaat online gekomen. Namens de directie van backpackbazen.nl, onze nederige excuses.

29. feb, 2012

Theebladknippers – dag 22

Theebladknippers – dag 22

De avond was gisteren al wat uurtjes oud, toen ik een schrikbarende ontdekking deed: mijn teenslippers, die ik al sinds de vakantie in Argelès (zomer 2009) in bezit had en zodoende van grote emotionele waarde waren, zaten niet meer in mijn backpack. Deze slippers hadden plaats gemaakt voor soortgelijke slippers met een kleinere maat. Nadat ik Rob een paar keer vertwijfelend aan had gekeken, viel bij hem het kwartje: hij had de verkeerde slippers gepakt in het hostel in Kuala Lumpur, waar we ons schoeisel bij binnenkomst uit moesten doen. Vervolgens ben ik blijkbaar ook niet zo scherp geweest, toen ik de verkeerde slippers zonder twijfel in mijn backpack heb gestopt. Het voordeel is dat het in de Cameron Highlands ongeveer de hele dag regent en het daarnaast, met een graadje op 25, behoorlijk koud is. Dit biedt wat tijd om op zoek te gaan naar een tweetal goede vervangers.

Na een nacht van een uurtje of zeven zijn we vanochtend in een gepantserde jeep gestapt, waarmee we, samen met een gids, wat mooie punten van het eiland hebben bekeken. Zoals Rob in het vorige bericht benoemde, spreekt bijna elke Maleisiër goed Engels. Echter zit onze gids bij het gedeelte van de Maleisiërs, dat wat minder goed uit hun woorden komt. Iets met een aparte beroepskeuze, maar ik zal niet klagen. Het mooie was dat deze grote negroïde Maleisische beer bijna elke zin met “ok? ” eindigde. Niet echt professioneel, wel grappig. Maar goed, over tot de orde van de dag. Eerst zijn we naar de grootste theeplantage van dit gebied gereden, waar we een fantastisch uitzicht hadden. Tevens zagen we hoe de thee wordt geplukt. Volgens de gids is het plukproces behoorlijk geïnnoveerd, want 77 jaar terug werden de theeblaadjes nog met de hand geplukt, terwijl hier nu voornamelijk hightech theebladknippers voor worden gebruikt. Bepaalde theestruiken worden volgens de gids zelfs al met een machine geplukt: doe maar vooruitstrevend. Na de theeplantage zijn we doorgereden naar het hoogste punt van de hooglanden. Helaas verpestte de mist het mooie uitzicht, waardoor we snel zijn doorgelopen naar een mossig bos. Op de weg hierheen kwamen we langs verschillende bomen en struiken met genezende bladeren. Zo worden bepaalde bladeren in de jungle gebruikt voor de bescherming tegen insecten, de stolling van het bloed na het verwijderen van een teek en de genezing van maagklachten. Hoogstwaarschijnlijk gaan we deze kennis nooit toepassen, maar interessant was het wel.

Toen we, rond een uur of 2, aankwamen bij ons hostel, zijn we naar de Robinson Waterfall gelopen. Dit is een grote kleisteenwaterval, gelegen op ongeveer twee kilometer van ons bergdorpje. Ondanks dat we al verschillende watervallen hebben gezien, was dit toch weer heel anders, mede doordat het water hier oranje is. Een korte klim en een wandeling bracht ons terug bij ons hostel, waar de regen ons voorlopig weerhoudt om wat eten te gaan scoren. Morgen pakken we de bus naar Mersing, een plaatsje aan de oostkust van Maleisië, waar we hopelijk op tijd aankomen voor de boot naar Tioman Island. We gaan het meemaken!

28. feb, 2012

Orchideeën, vogels en vlinders – dag 21

Orchideeën, vogels en vlinders – dag 21

Het eerste wat ons opviel aan Maleisië is dat je hier daadwerkelijk met mensen kunt communiceren. Bijna elke willekeurige Maleisiër kan in volzinnen reageren op je vraag. Heerlijk! Een groot verschil wanneer je uit een land komt, waar in de bergen bij een afgrond een bord staat met: ‘no footing here, can be dangerous’.

Op aanraden van de meest vriendelijke hosteleigenares ter wereld, hebben we een bezoekje gebracht aan Central Market. Een winkelcentrum met twee verdiepingen, waar een hoop leuk prul, mechanica en Chinese kleding te koop is. Nadat ik drie minuten op een verliefd kijkende Arjan, in een Vans store, had gewacht, gingen we de kleine kraampjes buiten bekijken. Toen Arjan mij attendeerde op een kraampje, waar het zogenoemde Pak Uda werd klaargemaakt, kwam ik watertandend naast hem staan. Gezien ons budget hebben we de chefkok overgehaald om ons gratis wat te laten proeven. Beter dan kokosnoot, maar minder dan ananas: een 6,8.

Op zoek naar nieuwe ervaringen gingen we op weg naar Perdana Botanical Garden. Met de kaart in de hand liepen we langs de grote en drukke wegen van Kuala Lumpur, die kris kras door en over elkaar heen lopen. Infrastructuur kennen ze hier niet, maar met wat hulp van een aantal locals kwamen we toch aan bij onze bestemming. De afgelopen drie weken hebben me niet zoveel veranderd, want orchideeën, vogels en vlinders kunnen me nog steeds de bips niet oxideren.

Hoewel onze dormroom van acht naar zestien man was ge-upgrade, deden de oordopjes hun werk fantistisch, want we hebben allebei heerlijk geslapen. Vanochtend zijn we vroeg opgestaan (dit keer écht) om Kuala Lumpur te bewonderen vanaf de KL Tower en vervolgens door te reizen naar Cameron Highlands. Deze bestemming ligt niet echt in de richting, maar ons originele plan om naar National Park Endau Rompin door te reizen, viel in duigen, omdat dit park gesloten is van oktober tot maart. Na een korte treinreis en een uurtje van het prachtige uitzicht genoten te hebben, moesten we richting ons hostel om onze bus naar de hooglanden te halen. Eindelijk een keer goed voorbereid, was het dit keer het brandalarm van de KL Tower dat getest moest worden, waardoor we een half uur voor de lift werden opgehouden. Dankzij de meer dan tien keer zo dure taxi kwamen we net op tijd aan bij ons hostel.

Na een mooie bustocht door de bergen (watervalletjes links, wolken rechts) zijn we aangekomen in ons hostel in Tanah Rata. Onze kamer bevat precies drie meubels: twee bedden en een kastje: meer dan zat voor twee simpele backpackers. Morgen weer een mooie dag voor de boeg!

27. feb, 2012

Eerste keer hardlopen – dag 20

Eerste keer hardlopen – dag 20

Vrijdagochtend wilden we weer vroeg uit de veren, zodat we een volledige dag op Railey Beach konden spenderen. Al om 11 uur vertrokken we per long-tail boat naar, volgens onze hosteleigenaar, het mooiste strand van Thailand. Als we dit soort kreten moeten geloven, hebben we al vier keer het mooiste strand van Thailand gezien, om nog maar te zwijgen over het aantal mooiste, oudste of meest bezochte tempels van dit land. Ongeveer een uur later kwamen we dan op Railey Beach, een smal strand, liggend aan een blauwe, schone zee. Aan de linkerzijde van het strand was onder de rotsen een bidplaats te vinden, waar de inwoners van deze kustplaats wat wierook aanstaken voor de oppergod van de penissen. Voor hen een geloof, voor ons een goede reden om tranen in onze ogen van het lachen te krijgen.

Toen was het tijd om eens flink actief op het strand te gaan liggen, ware het niet dat onze handdoeken nog netjes in de backpacks in het hostel lagen. Gelukkig vonden we achter op het strand een paar stoelen, waar we de rest van de middag in hebben gelegen. Rond een uur of vijf liepen we terug richting het stadje, om wat aandacht te schenken aan de inwendige mens. Nog voordat we een restaurant hadden gezien, werden we opgehouden door een stel apen, die over de houten hekken langs het pad klauterden. Nadat Rob het geheugen van zijn camera had volgeschoten met kiekjes van zijn lievelingsdieren (apen), zagen we een bord met ‘viewpoint’ erop. Een klim over kleirotsen bracht ons een kwartier later op een mooi punt, waar we uitzicht hadden over Railey Beach.

Uiteindelijk kwamen we, twee uur later dan gepland, aan bij een goedkoop restaurant. Deze keer geen Pad Thai of Fried Rice, maar een Indiaas gerecht voor Rob en een Thaise omelet met gebakken aardappels voor mij. Toen de ober nog maar net was begonnen met de bereiding van ons eten, bedacht ik me opeens dat we ook nog terug moesten. We hadden bij aankomst natuurlijk niet gekeken hoe laat de laatste boot terugging (waarom zouden we), dus was het verstandig om dit eerst te checken. Op aanraden van de ober zijn we het restaurant uit gesprint richting de pier, waar we erachter kwamen dat de laatste boot een uur geleden was vertrokken. Gelukkig konden we om 10 uur, na het nuttigen van onze originele gerechten en een leuk gesprek met twee andere Nederlandse backpackers (Jos en Jop), alsnog terug samen met de werknemers van Tourist Information. Wederom een geweldige dag!

Eergisteren stond Ao Nang op het programma, het levendige deel van Krabi. De hosteleigenaar, die Nederland op één of andere manier direct associeerde met ‘holse liding’ (het blijft moeilijk om de ‘r’ uit te spreken), zette ons gratis af. Na wat rond slenteren, hebben we een strandstoel opgeëist en een kokosnoot besteld, iets waar we het in Bangkok al over hadden. Bij de eerste slok vroeg ik mijzelf direct twee dingen af: waarom heb ik me hier tweeënhalve week op zitten verheugen en hoe is het mogelijk dat Malibu wél lekker is? Rond een uur of negen was het tijd voor een biertje. We konden ervoor kiezen om bij een café te gaan zitten, maar dan zou het een duur avondje worden. Een betere locatie was snel gevonden: de trap tegenover de supermarkt. Ideaal, want de bar, ook wel de kassa, zat mooi dichtbij en op deze manier betaalden we de helft. Uiteindelijk hebben we de tweeëntwintigste verjaardag van Rob gevierd in Club Chang, waar we werden binnengelokt met ‘no prostitute in the bar’. Na drie uur actief gedrag zijn we huiswaarts gegaan.

Gisteren en vannacht hebben we voornamelijk in de bus doorgebracht en inmiddels zijn we aangekomen bij ons guesthouse in Kaula Lumpur, Maleisië. Genoeg mensen hier, waaronder al zes in onze slaapkamer, dus dat zal wennen worden.